Nederlandstalig nieuwsbericht

In rubberlaarzen gestoken pioniers

In rubberlaarzen gestoken pioniers veroverden de jongste provincie. Lelystad brengt de historie van het 'nieuwe land'.

Bevlogen was de visie van oudminister en waterstaatsingenieur Cornelis Lely (1854-1929) toen hij al in de tijd van de Eerste Wereldoorlog zijn plannen ontvouwde om de Zuiderzee af te sluiten en het dan drooggelegde land in cultuur te brengen. Met diezelfde bevlogenheid wil het splinternieuwe Erfgoedcentrum Nieuwland in Lelystad zijn visie geven op Nederlands jongste provincie. Morgen opent staatssecretaris Medy van der Laan dit erfgoedcentrum dat met recht een multidisciplinair gebeuren kan worden genoemd.

Het nieuwe erfgoedcentrum, dat officieel de rechtvorm van een Openbaar Lichaam heeft en geen stichtingsvorm kent, staat pal naast Batavia Stad in het noorden van de Flevolandse hoofdstad. Dit pseudo-historische 'bolwerk' van outlet stores is jaarlijks goed voor vele tienduizenden bezoekers per jaar, die nu ook cultureel worden aangesproken. Want het erfgoedcentrum wil iedereen binnen zijn muren krijgen die ook maar enigszins interesse voor het leven in het nieuwe land heeft. Waarbij het begrip 'nieuw' met een ruime korrel zout genomen kan worden. Want Flevoland of de Flevopolder mag dan pas een kleine dertig jaar oud zijn - zijn voorganger de Noordoostpolder kwam in de Tweede Wereldoorlog gereed en de Wieringermeer werd eind jaren twintig ingepolderd, kort voor de aanleg van de Afsluitdijk - de voorgeschiedenis van dit gebied is veel groter. Dat blijkt uit de vondst van maar liefst 450 scheepswrakken die na de droogmaking in de polderbodem zijn achtergebleven. Maar andere archeologische vondsten wijzen op een vroege, zo niet prehistorische bewoning.

Al die vondsten berusten in een archeologisch depot dat nu in het Erfgoedcentrum is ondergebracht en waar ze ook in de toekomst ook onderdeel zullen vormen van wisseltentoonstellingen. Het blijft in het centrum overigens niet bij archeologische vondsten. Verschillende archieven, van het rijk, de provincie en gemeenten, het waterschap, kunnen in het erfgoedcentrum geraadpleegd worden; een ongehoorde bron van informatie die tot nu toe enig in Nederland is. Een bibliotheek behoort eveneens tot de te raadplegen bronnen.

Het grote publiek zal vooral afkomen op de permanente en semi-permanente tentoonstellinmg. Die begint met een nagespeelde gedachtewisseling die ingenieur Lely ergens in 1917 op de kade in Urk zou hebben gevoerd. Voor Lely was de inpoldering van de Zuiderzee die een voortdurende bedreiging was voor de bevolking zoals dat de Noordzee was voor de inwoners van Zeeland in de jaren vijftig van de 20ste eeuw, pure noodzaak. Hij zou, en daarvan was hij zelf doordrongen, zijn droom niet meer gerealiseerd zien.

Daarvoor waren zijn plannen te complex en vergden ze zoveel tijd dat een mensenleven er te kort voor was om ze allemaal verwezenlijkt te zien. Zo stierf Lely (in 1929) zelfs voor hij de Afsluitdijk had kunnen zien. Het hele verhaal achter Lely's Zuiderzeeproject komt compleet met draglines, bulldozers en andere grondverzetmachines in beeld in een authentieke schokbetonschuur die het erfgoedcentrum bij een bedrijf in Emmeloord heeft gevonden. Elders in de door het Haagse architectenbureau Atelier Pro gerealiseerde nieuwbouw kun je in een zestal paviljoens kennisnemen van de oudste ervaringen van de nieuwlandpioniers die in de jaren zestig en zeventig als boer naar Flevoland kwamen. Op die wijze (oral history wordt in de beleving van de geschiedenis een steeds belangrijkere kennisbron) ontstaat een aantrekkelijk en vaak levendig beeld van de historie van dit gebied. Of, zoals de eerste directeur Ralph Keuning (vorig jaar afkomstig van Museum Kröller-Müller in Otterlo)) het zegt: "Door de combinatie van museum, van wetenschappelijke instituten, van archieven, een archeologisch depot en een bibliotheek bieden we een breed overzicht van alles wat leeft in deze nieuwe provincie.

"Flevoland heeft 400.000 inwoners en die moeten hier toch terechtkunnen om kennis op te doen over de poldergeschiedenis. Maar behalve dat we provinciaal gericht zijn, oriënteren we ons ook nationaal en we denken erover om naar het buitenland toe het verhaal te vertellen van mensen die hun bestaan op de voormalige zeebodem opbouwen. Anderzijds willen we ook kinderen aanspreken, hen interesseren voor wat archeologie nu precies is. Zij vinden in een van de zes genoemde paviljoens een schathol waar ze objecten aan het daglicht kunnen brengen.''

Afgezet tegen de relatief lage kosten die de stichting van het centrum met zich meebracht - het gebouw kostte 8,5 miljoen, de inrichting 2,5 miljoen - zijn de plannen van Keuning zeker ambitieus te noemen. Het Erfgoedcentrum rekent in het eerste jaar op 70000 bezoekers, dat zijn er 40000 bezoekers meer dan de voorloper van het Nieuw Land erfgoedcentrum trok.
Van het toenmalige Poldermuseum staat er nog een buisvormig paviljoen.

[Links: Flevoland boven water | Nieuw Land Erfgoedcentrum]

[Bron: Trouw, 25 februari 2005]

[#] [25 februari 2005, 11:56:24] [Cat.: Archieven en Musea]


Advertenties

Uw klik is geld waard!
Help ArcheoNet online
te houden: bezoek de
onderstaande links!


Zoeken met Google

Houd ArcheoNet online! Zoek met Google:
Google


Disclaimer

Nieuwsberichten worden op internet gezocht, uit dagbladen overgenomen of toegestuurd.
Archeonet is niet verantwoordelijk voor de inhoud van de artikelen.

De achtergrondfoto is afkomstig van
Museum Het Valkhof.